· 

Waarom positief denken niet altijd werkt

Mijn cliënt zuchtte: ‘Niets werkt voor mij’. Toen ik vroeg wat ze dan al geprobeerd had kreeg ik een hele opsomming. Ze vertelde onder andere ‘Ik lees elke week een boek of wat tijdschriften en ze zeggen allemaal dat ik moet positief denken. Ik probeer dat, maar dat werkt niet voor mij’.

En telkens als dat niet lukt, voelt ze zich natuurlijk nog meer gefrustreerd.

Ze heeft gelijk. Je krijgt de dag van vandaag een enorm aantal artikels te zien over de kracht van het positief denken.

Daar is een goede reden voor. De positieve psychologie, de jongste stroming binnen deze wetenschap, heeft de aandacht binnen het werkveld een beetje verschoven.  Zij leggen niet zozeer de nadruk op hoe je in de put bent geraakt maar eerder op wat je kan doen om eruit te geraken.

Wat onze gedachten en meer algemeen ons brein met ons doet is echter al eeuwenlang een onderwerp waar de mens door gefascineerd is. De cognitieve neurowetenschap houdt zich hiermee bezig en heeft ontdekt dat ons brein veel complexer en dynamischer is dan ooit werd gedacht.

Over één ding is iedereen het eens. Onze gedachten zijn heel krachtig. Dat is op verschillende wijzen en door tientallen onderzoeken telkens opnieuw gebleken. Zeg tegen jezelf maar enkele keren ‘dat kan ik niet’ en het zal op zijn minst moeilijker gaan.

Dus lijkt het logisch om je mindset te veranderen om je beter te voelen. Denk jezelf gelukkig, dus.

Jullie weten uit een vorige blog dat ik absoluut fan ben van het optimisme. Ik leef met een halfvol glas bij wijze van spreken.

Maar iemand die zijn hele leven, of een stuk ervan, naar hetzelfde glas kijkt en het half leeg ziet, gaat door denken alleen moeilijk zijn visie veranderen.

Je ballon gaat dan niet de lucht in omdat er teveel zakjes aan hangen.  Wat je doet en wat je denkt wordt namelijk voor het grootste deel aangestuurd door je onderbewuste. Hier vind je terug hoe je bent opgevoed, welke genen je gekregen hebt, wat je gezien hebt als jong kind, welke waarden je belangrijk vindt  enz.  Dat hele grote stuk van de ijsberg onder de oppervlakte stuurt je naar groei of belemmering.

Als je dus wilt veranderen; is het belangrijk om samen te werken met dit deel. 

Je voelt je niet ok, dus zeg je iets positiefs tegen jezelf. Maar vanuit je onderbewust krijg je weerstand. Het is als de spreekwoordelijke strandbal die je niet onder water kan duwen. Hij komt terug. Plof.  Je wordt gefrustreerd en je voelt je eigenlijk nog slechter dan ervoor.

Misschien wordt het duidelijker met een voorbeeld. Je wilt wat gewicht kwijtraken.  Je maakt voor jezelf de gedachten: ‘ik kan makkelijk gewicht verliezen’. ‘ik ga een halve kilo kwijtraken op twee weken tijd’ of  ‘het lukt me moeiteloos om mijn zin in snoep te veranderen’ .

Maar ergens diep in jezelf vind je jezelf eigenlijk niet waard om liefde te krijgen.  (Dat is er ooit ingeslopen en hardnekkig blijven hangen)

Dan helpt natuurlijk dat positief denken niet. Eigenlijk doet het dan zelfs het omgekeerde: nog maar eens de nadruk leggen op dat negativisme. Het is dus zaak om deze weerstand eerst op te lossen.

Een eerste stap hierbij is om de vervelende emoties niet weg de duwen.  Als je je gekwetst, eenzaam, boos, niet begrepen enz. voelt , duw dat niet te snel weg of verdoezel het niet. Zo  wordt er ruimte gemaakt. De vervelende gevoelens  zullen niet direct verdwijnen maar door die ruimte gaan ze wel minder grip op je krijgen.  Het klinkt paradoxaal maar toch werkt het zo. Aandacht voor waar en wat je voelt is belangrijk.

Wat nu met dat positief denken?  Het werkt echt wel maar alleen als je het gebruikt VOOR iets en niet TEGEN iets. Weerstand heeft voorrang. Zo word je meer en meer een schepper van je leven.

En dat is toch een positieve gedachte niet?