· 

Ik weet niet wat zeggen! 5 tips voor een rouwbezoek

Vorige maand was het zeven jaar geleden dat mijn man gestorven is. Nu -jaren later- weet ik nog precies wie me kwam bezoeken. Ook wat er gezegd werd. En hoe moeilijk ik het daar soms mee had. Dan dacht ik bij mezelf: ga maar naar huis. Daar heb ik nu geen boodschap aan.

Wat niet wilt zeggen dat ik mijn verhaal niet wilde doen. Integendeel: het scheelt echt als je het deelt.

Toch besef ik heel goed dat een rouwbezoek voor veel mensen moeilijk is. Wat zeg je tegen iemand die net een groot verlies geleden heeft?

Voor ik je mijn 5 persoonlijke tips geef, wil ik toch even uitdrukkelijk een pleidooi houden voor wat je zeker NIET moet zeggen.

‘Hij/Zij heeft de leeftijd toch.’

‘Ik ben blij dat zijn/haar lijden voorbij is.’

‘Je bent nog jong en vindt wel iemand anders. (of  je kan nog andere kinderen krijgen).’

‘Na een maand voel je je al wat beter.’

‘Ik heb dat ook meegemaakt.’

….

Al deze zinnen ontkennen en verdoezelen het verdriet. Ze staan echt luisteren volledig in de weg.

Wat is dan wel de juiste boodschap?

Tip 1: deze tip is eenvoudig en moeilijk tegelijk. Er is namelijk geen juiste boodschap.  Rouwen is erg persoonlijk. Daarom vraagt het van jou, als bezoeker, wel wat tact en geduld. Je moet je als het ware afstemmen op de andere. Wat zegt hij/zijn vanuit het verdriet?  En vind je dat te moeilijk, zeg dan niks. Je bent er; da’s belangrijker.

Tip 2: geef de andere de ruimte. Ruimte om gevoelens te voelen en woorden te spreken. Heb geduld en forceer niks. Laat ze uitspreken. Ze hebben soms tijd nodig om hun gedachten te vormen. Onderbreek dus nooit en vul geen halve zinnen in. En vraag alleen ‘hoe gaat het?’ als je tijd hebt om het antwoord te horen.

Tip 3: Je hoeft zeker niet veel te zeggen. Weinig woorden kunnen ook kalmerend en troostend werken. Luisteren is belangrijker dan praten. Je wordt op zo’n moment ook geconfronteerd met je eigen machteloosheid en (onopgeloste) gevoelens van rouw en verdriet. Dat kan je het gevoel geven dat je antwoorden moet geven. Maar stilte is krachtiger dan zinloze opmerkingen.  En stilte moet niet ingevuld worden.  Het is maar normaal dat het het niet weet op dat moment.

Tip 4: wat altijd goed is (tenminste dat was mijn ervaring) is dat je vertelt hoe je de overledene gekend hebt. Maak er een persoonlijk verhaal van. Niets werkte voor mij zo troostend dan te horen hoe geliefd hij was als collega, vriend… Anekdotes, zelfs grappige: ik kreeg er niet genoeg van.

Tip 5: geef geen oordeel. Ook geen raad. Zelfs als je ervan overtuigd bent dat hij of zij het anders moet doen. Ook je eigen ervaringen op tafel leggen is een vorm van oordeel.  Niet doen.

 

Ken je de getroffen familie goed, aarzel niet om langs te gaan. Geef aan dat je -als ze willen- beschikbaar bent. Hoor je enkele dagen niks, geef dan toch een seintje. Want al hoor je tien keer ‘Laat maar weten als je me nodig hebt’ , je hebt niet altijd de energie om contact op te nemen. Bovendien weet je niet echt wat je nodig hebt.

Ben je niet zo intiem en wil je toch gaan, is het fijn om even te bellen en een kort bezoekje voor te stellen. Dan kan je niet ongelegen komen.

Weet je echt niet hoe je concreet zo’n gesprek moet beginnen? Ik geef je hier wat inspiratie:

‘Ik kan me moeilijk inbeelden wat je doormaakt. Dit moet een harde tijd zijn. Ik weet niet echt wat ik moet zeggen maar ik vind het heel erg. Ik zou graag helpen. Ik heb aan je gedacht en wilde horen hoe het met je gaat…’

Acceptatie van het verdriet en de persoonlijkheid van de getroffene(n) staan voorop. Dan kan je niks fout doen.

Troosten is zodanig luisteren dat het verdriet ruimte krijgt.